Wijkagent overbelast*, buurtbewoner aan zet.

Amsterdam, eindelijk was het gelukt om een locatie te regelen waarin de jongeren uit de buurt bij elkaar kunnen komen. Twee keer per week van 18 tot 22 uur. De jongeren popelen al voordat het tijd is. Ruim van te voren vinden ze elkaar om er samen naar toe te lopen. Maar dat blijkt niet een goed idee. Jongeren die bij elkaar zijn, lopen het risico op een bon. En ja, ook nu wordt er een op de bon geslingerd. Feitcode 120B. Omschrijving strafbaar feit: op een openbare plaats zich ophouden op een wijze die voor andere gebruikers of omwonenden onnodig overlast of hinder veroorzaakt (APV Amsterdam).

Dit is geen unieke ervaring. Zoals een jongere uit een andere wijk zei: “Ik mag niet in het winkelcentrum zijn, ik mag niet bij de bibliotheek zijn, ik mag niet in het park zijn. Kunt u me vertellen waar ik heen moet als ik hier zo naar buiten ga?”

Wijkagenten staan hier gelukkig anders in en zullen niet zo snel een boete uitdelen. Of zoals een van hen zei: “Ik vind niet dat ik boete kan uitdelen voor rondhangen. Die jongeren wonen hier, natuurlijk mogen ze ook op straat zijn”. Maar we hebben ondertussen ook een meldsysteem dat anders aanspoort. Wijken waar veel overlastmeldingen zijn, kleuren rood en bij elke melding wordt er met meer vertoon gereageerd. Ook als er niets aan de hand blijkt. Meldingen die drie politie-auto’s opleveren zijn geen uitzondering. De jongeren voelen zich opgejaagd en bij voorbaat veroordeeld tot crimineel.

Ouderen in de wijk kiezen verschillend. De een belt de politie over overlast, de ander vraagt vriendelijk of het wat zachter kan. De jongeren lijken een spiegel te zijn: ga je met ons in gesprek dan waarderen we dat. Stuur je chagrijnig de politie op ons af, dan reageren we even chagrijnig. De ene buurtbewoner is bang, de ander groet de jongeren en wordt geholpen met het dragen van de boodschappen.

De angst voor een groep jongeren is begrijpelijk, maar niet onze beste raadgever. Jongeren zoeken ook hun weg naar geluk. Laten we dat beseffen en vanuit daar bouwen aan onderling begrip en ruimte voor ieder. Als dat voor jou alleen een te grote opgave is, zoek medestanders, bouw aan een basis voor onderling gesprek. Alles beter dan het over de heg gooien bij de politie en van hen verwachten dat zij ons in harmonie kunnen laten samenleven.

* https://www.nrc.nl/nieuws/2020/09/01/wijkagenten-zijn-te-overbelast-om-wijkproblemen-aan-te-pakken-a4010421

Vertrouwdheid ontwikkelen in chaos

Elke keer worden we verrast door nieuwe informatie over Corona. Eerst maakten we beleid op groepsimmuniteit en nu lijken antistoffen geen garantie op weerbaarheid. Kinderen zouden niet besmet worden, maar nu komen er berichten over aan Covid verwante ziekten bij kinderen. Eerst leek er geen overdracht naar huisdieren, maar nu wordt die wel geconstateerd. Stel nu dat Corona zich elke keer uniek manifesteert en gedraagt? Wat hebben we dan te doen? En wat kan een organisatie als Kringwijs, welke zich richt op goed samenleven daarmee? Ilse Jagtenberg en Harro Labrujere, beide van Kringwijs waren daarover met elkaar in gesprek. Luister gerust even mee.

Gelukkig hebben we ons sociaal kapitaal nog

Als de coronacrisis ons één ding laat zien, dan is het wel hoeveel ideeën, daadkracht en wil er in buurten is om voor elkaar van betekenis te zijn. Van berenroutes tot extra aandacht voor alleenstaanden, van collectieve bedankacties voor zorgpersoneel tot boodschappen halen voor ouderen. En ligt het nu aan mij of is dat juist nu de professionals in de wijk even wat afwezig zijn?

Het doet mij denken aan een boek dat Annemarie van Dalen in 2010 heeft geschreven. Hierin gaat het over hoe Buurtzorg zich organiseert. Daarin komt aan de orde hoe de Buurtzorg-teams werden ondersteund door een teamcoach. In eerste instantie was er een teamcoach per acht teams. Dit bleek echter niet te werken. De teamcoach ging zich ongevraagd met de teams bemoeien en liep de teams voor de voeten. Buurtzorg paste daarop de rol van de teamcoach aan en er was voortaan nog maar een teamcoach per dertig teams. Prachtig voorbeeld dat meer tijd niet altijd beter is.

De ervaring van Kringwijs in het werken met wijken, laat dit ook zien. Een van de mooiste voorbeelden is ons werk in Molenwijk, Amsterdam-Noord. Voor deze wijk is een collega twee jaar geleden gestart met een dagdeel per week. Te weinig tijd om allerlei dingen voor de wijk op te zetten en uit te voeren, net genoeg tijd om wijkbewoners te steunen in samenkomen en met kennis om hun ideeën en initiatieven verder te brengen. Waar de Molenwijkers eerst vooral richting de gemeente keken, zijn er nu allerlei initiatieven en een grote buurtvereniging. In een wijk die zich vooral kenmerkte door de grote flats en weinig sociale cohesie, is een groeiende groep wijkbewoners nu enorm steunend naar de wijk. Iets wat in deze coronacrisis van grote waarde blijkt voor kwetsbare wijkbewoners.

De coronacrisis is kostbaar en zal ons dwingen om de kracht van wijkbewoners, het sociaal kapitaal, goed aan te spreken. In onze ervaring vraagt dat niet het inzetten van heel veel uren professionals, maar het slim steunen van wijkbewoners. En dat is dan weer het goede nieuws.

Harro Labrujere, bestuurder Kringwijs

’t Daghet in den Oosten *

corona corona snottebel corona

zeg spelende kinderen maar na

wanneer je ophoepelt

met duizend-en-een levens in je donkere hart

komt niemand jou achterna

al ga je nog zo mooi sterven in het verre China

 

nog even mensen nog even

zie de nacht is volledig omgeven

gloeiend van geluk en het goede leven

schijnt de ochtend geschenken

op wanhoop en openbare droefenissen

corona je klauwen zullen we nooit missen

 

kom allerliefste kom

ga voor anker in onze wateren

de ochtend roepen mussen

staat de zeilboot opgewekt te glinsteren

en gaat kapitein Geduld ons varen

om Ramadan, Pinksteren en zomer te eren

 

nog even mensen nog even

kijk vrolijk zijn violen toch gestemd

onheil hebben we straks samen getemd

februari maart april…

zie de zon schijnt weer volop

op onze vrije wil

 

Tuncay Çinibulak, Amsterdam.

 

* ‘t daghet in den oosten is een middeleeuws lied over een jonge vrouw die na de dood van haar geliefde intreedt in een klooster.

Activiteiten Kringwijs tijdens coronacrisis

Veel van de activiteiten van Kringwijs bestaan uit ontmoetingen tussen mensen. Nu dat voorlopig niet mogelijk is, werken we op andere manieren. Waar dat mogelijk is, gaan afspraken door met behulp van videobellen. Bijeenkomsten zijn uitgesteld. Ondersteuning van buurtbewoners en professionals bij omzien naar elkaar gaat zoveel mogelijk door. Zo informeren we bijvoorbeeld ondernemers in Amsterdam Bos en Lommer en Slotermeer over de regelingen die er voor hen zijn vanwege de coronacrisis.

In een aantal buurten in Slotermeer verspreiden we huis-aan-huis informatie. Onder andere over waar mensen in verschillende talen meer kunnen lezen of horen over corona (-maatregelen), over mogelijkheden voor gezinnen zonder computer of laptop voor thuis lerende kinderen en over verschillende hulplijnen voor Amsterdammers.

Kringwijs blijft in Slotermeer actief in het verbinden van buren door middel van een dagelijks buurtgroepuurtje met behulp van videobellen. Medewerkers in de buurt kunnen direct gebeld worden door buren en ook de crisistelefoon van Iemand Erbij is deze weken gewoon bereikbaar voor inwoners van Slotermeer.

Heeft u vragen over hoe het gaat met de activiteiten van Kringwijs in uw omgeving of buurt? Bel ons via 020 – 261 95 12 of stuur een e-mail naar info@kringwijs.nl.

Lees meer over Kringwijs in deze tijd in de nieuwsbrief van april ’20

Zelf stappen zetten

Jeugdhulp wordt effectiever als het sociaal netwerk van ouders en jeugdigen betrokken is. In opdracht van Gemeente Amsterdam is door Kringwijs de handreiking ‘Zelf stappen zetten’ ontwikkeld voor communicatieprofessionals betrokken bij jeugdhulp. In deze handreiking staan allerlei praktische tips en voorbeelden. Vanaf de eerste informatieverstrekking aan ouders en jeugdigen tot en met het laatste contact: wat kun je aanreiken om regie te behouden en steun in het sociaal netwerk te vinden? De handreiking is via deze link te downloaden: handreiking Zelf stappen zetten.

Zijn de mogelijkheden van burgerinitiatieven beperkt?

Op Binnenlands Bestuur verscheen 27 januari een artikel over de beperkingen van burgerinitiatieven. Een opmerkelijk artikel om een paar redenen. Het artikel haalt een proefschrift van Hiska Ubbels aan waarin maar liefst drie burgerinitiatieven zijn onderzocht. Op basis daarvan een kop boven het artikel zetten met de suggestie dat een uitspraak kan worden gedaan over burgerinitiatieven in het algemeen, is nogal sterk. Het dan verderop ook nog ‘onderbelichte schaduwkanten’ noemen doet ons haast geloven dat we hier een fiks maatschappelijk probleem te pakken hebben.

Vervolgens noemt het artikel drie schaduwkanten:

  • Als eerste wordt de zelfredzaamheid van de betrokkenen bij het burgerinitiatief genoemd. Betrokkenen bij het burgerinitiatief ‘hebben niet noodzakelijkerwijs de juiste competenties’.
  • Als tweede wordt genoemd dat gemeenten er in de kosten-baten analyse vaak van uitgaan dat de initiatieven efficiënter zijn dan zijzelf. ‘Maar het is de vraag of inwoners werkelijk efficiënter zijn en met welke kosten wordt gerekend’.
  • Als derde schaduwkant wordt genoemd ‘zijn misschien niet volledig representatief’ en ‘de moeilijkheid om dergelijke initiatieven voldoende democratisch te organiseren en uit te voeren’.

Tjonge, als ik het goed lees gaat het dus niet om drie harde feiten maar om boterzachte punten: ‘niet noodzakelijkerwijs’; ‘het is de vraag’; ‘de moeilijkheid’. Los daarvan kunnen deze opmerkingen geplakt worden op zo ongeveer elk initiatief of organisatie. Vervang het woord burgerinitiatief door commerciële startup, schoonmaakbedrijf of zorgverlener en ook dan zijn de stellingen houdbaar.

Zijn de mogelijkheden van burgerinitiatieven beperkt? Op basis van dit proefschrift zou ik er niets zinnigs over kunnen zeggen. Op basis van eigen ervaring (N>3) zou ik zeggen dat de mogelijkheden eindeloos zijn.

Vervolg Het Gelijk van de Straat

Op 28 oktober zal het vervolg plaatsvinden van Het Gelijk van de Straat, wederom in aanwezigheid van wethouder Rutger Groot Wassink.

Op 3 december 2019 was er in Pakhuis de Zwijger een eerste bijeenkomst waarbij Amsterdammers in gesprek gingen met elkaar en met de wethouder. Een bijzondere bijeenkomst omdat het grootste deel van de aanwezige Amsterdammers niet gewend is dit gesprek op te zoeken en zich niet laat vertegenwoordigen in het democratisch proces. Maar juist dat maakt het ook nodig om te zoeken naar hoe we wel in gesprek kunnen zijn en blijven zodat ook deze Amsterdammers zich blijven herkennen en thuis voelen in hun samenleving.

Via deze link is het verslag te vinden van 3 december.

Het gelijk van de straat

‘Het Gelijk van de Straat’ is een initiatief van diverse Amsterdammers en organisaties, waaronder Kringwijs. Wat op straat leeft, moet gehoord, is het uitgangspunt. Op dinsdag 3 december 2019 bood Pakhuis De Zwijger een podium exclusief aan mensen die anders nooit komen. Mensen die willen laten weten wat wel wordt gedacht, maar niet gehoord. Ze lieten hun bezorgdheid over de stad horen, hun mening daarover en hun wensen voor een stad waarin het prettig wonen is. Natuurlijk in de hoop dat hun punten nu wel op de politieke agenda komen. Wethouder Rutger Groot Wassink was bij de avond aanwezig. ‘Het gelijk van de straat’ krijgt in 2020 een vervolg.

Durven vragen, Amsterdamse ouders over opvoeden

Durven vragen, Amsterdamse ouders over opvoeden

Onlangs verscheen het boek ‘Durven vragen, Amsterdamse ouders over opvoeden’.

Hoe voeden andere ouders op? Wat doen vaders of moeders bij mij in de straat, buurt of stad? Welke keuzes maken ze en wie betrekken ze erbij? Hoe pakken mijn vrienden en familie het aan als er problemen met hun kinderen zijn? Zouden ze het gek vinden als ik hen om raad vraag? Het zijn vragen die ouders vooral bezighouden op momenten dat ze zelf ergens mee zitten. Toch vindt vrijwel iedereen het ingewikkeld om opvoedvragen en onzekerheden met anderen te bespreken. We doen het liever zelf, tenzij de zorgen echt groot worden. Dan durven we eerder over onze schaamte en angst heen te stappen.

Met een voorwoord van Simone Kukenheim, wethouder Amsterdam (Zorg, Jeugdzorg, Beroepsonderwijs en Sport).

Bestel een exemplaar bij de uitgever Uitgeverij Anderszins of in uw lokale boekhandel.

Fragment uit hoofdstuk 2: ‘Wil je met me meedenken?’ – om hulp of steun vragen (pdf)